Moet een bestuurder ambtenaren in bescherming nemen? Zeker! Mag een politicus boos worden als er in de ambtelijke uitvoering dingen gebeuren waar de buitenwereld aanstoot aan neemt? Ook! En mag een minister-president een volksvertegenwoordiger geïrriteerd tot de orde roepen door haar bij haar voornaam aan te spreken? Nee, dat niet.

Soms komen verschillende van mijn stokpaardjes bij elkaar. Ik geef trainingen aan ambtenaren in politieke sensitiviteit, begeleid bestuurders en politici én let op man-vrouw-verhoudingen in het openbaar bestuur. In de aanvaring van premier Mark Rutte met Kamerlid Renske Leijten tijdens het Kamerdebat over de belastingdienst, kwam dit allemaal bij elkaar.

De ambtenaren
Ambtenaren zijn de uitvoerders van de uitvoerende macht. Daarom zijn bestuurders, voor de schermen, verantwoordelijk voor wat zij achter de schermen doen. Het idee is dus dat ambtenaren werken onder de politieke aansturing van hun bestuurder. Zo werkt het ook meestal. Ambtenaren zijn loyale uitvoerders van soms eigenlijk onuitvoerbare politieke wensen. Als ambtenaren doorslaan in het tegendeel, is er sprake van de vierde macht. Deze trekt zich zo min mogelijk aan van de passanten die bestuurders zijn en werken vanuit hun professionaliteit. Klinkt nobel, maar bij de belastingdienst bleek dat er zelfs geïnstitutionaliseerd wantrouwen ontstond, met alle gevolgen van dienst.

Politici
Dan komen we bij de politiek. De volksvertegenwoordigers controleren de uitvoerende macht, de bestuurders. En indirect dus ook de uitvoerders van de uitvoerende macht, de ambtenaren. Maar wel via de bestuurders. Het is dan ook geheel terecht dat politici van bestuurders goed personeelsbeleid verwachten. Bij de belastingdienst is het op dat gebied flink misgegaan. Een afvloeiregeling voor ambtenaren waar vooral de mensen gebruik van maakten die ze hadden willen houden. De zwartgelakte dossiers van de vermeende fraudeurs. En op dit moment ligt het ministerie van Justitie en Veiligheid onder vuur: hebben topambtenaren de Kamer informatie onthouden? De ministers en staatssecretarissen worden daar – geheel terecht – stevig op aangesproken of zelfs om weggestuurd. In de hoop dat een nieuwe bestuurder de ambtenaren wel goed gaat aansturen…

Mark versus Renske
En dan het debat. Kamerlid Leijten uitte haar boosheid omdat voor een weggestuurde topambtenaar al een andere topbaan klaar lag. Of deze man terecht een nieuwe kans krijgt, kan ik niet beoordelen. Was het een gevalletje vierde macht of iemand die een onuitvoerbare politieke wens probeerde uit te voeren? Feit blijft dat het een slecht signaal is naar de buitenwereld. Vandaar de boosheid van Leijten. Waarop Rutte met de microfoon open uitriep: “Daar gaat ze weer”. En helemaal niet fraai: “”Daar gaat ze weer. Dat kun je toch als serieus Kamerlid niet doen Renske!”. Hier spat een flinke lading impliciet seksisme vanaf. Ik zou zeggen: “Zo neem je een terecht boze volksvertegenwoordiger niet serieus, Mark. Had je een boze man ook zo geïrriteerd en betuttelend met zijn voornaam aangesproken?” Ik vermoed van niet…

Pin It on Pinterest