Je LinkedIn-profiel begint met een samenvatting, je CV met een profiel. Hoewel er een nuanceverschil is tussen deze twee, is het doel gelijk: je geeft in een korte tekst een eerste indruk van jezelf. Noem het je kernboodschap, noem het je elevator pitch (ja, ik weet het, veel mensen nemen liever de trap…). Hoe maak je een goed profiel? Hier volgen drie tips.

  1. Onderscheid het ‘wat’ van het ‘hoe’. Ik lees vaak profielen die beginnen met teksten als: “Ik ben gedreven, veelzijdig, mensgericht en heb geen 9-tot-5-mentaliteit”. Tja, denk ik dan. Jij en al die anderen. Dit is het ‘Hoe’. Beslist niet onbelangrijk, maar werk- en opdrachtgevers zijn in eerste instantie geïnteresseerd in het ‘Wat’: wat is je ervaring? Wat kun je? Begin met het ‘Wat’ en noem dan het ‘Hoe’. Lees ook de geweldige satire op de site De Speld over het ‘Hoe’.
  2. Maak het ‘Wat’ zo concreet mogelijk. Je hebt ervaring als docent, accountmanager, projectleider, dat is altijd nog erg algemeen. Noem de sector (-en) waar je ervaring hebt, de doelgroepen waar je mee hebt gewerkt. Geef een voorbeeld van een concreet resultaat of een concrete taak waar je verantwoordelijk voor was. Kortom: zorg dat de lezer zich er iets bij kan voorstellen.
  3. Vind je het lastig om je eigen eigenschappen te noemen bij het ‘Hoe’? Speel het dan via de band door bijvoorbeeld citaten te gebruiken. “Mijn oud-collega’s noemden mij enthousiast, mijn opdrachtgevers waren altijd tevreden over mijn punctualiteit”. Helemaal mooi natuurlijk als dat in LinkedIn door een aantal aanbevelingen wordt ondersteund. Testimonials, heet dat in reclametermen: een recensie van een tevreden persoon is de beste reclame die er is. Daar hoef je geen BN’er voor in te huren.

Pin It on Pinterest